Metadata

Wat is een goede bestandsnaam?

Een goede naamgeving is belangrijk voor je digitale bestanden. Niet alleen zodat je zelf alles terugvindt, maar ook zodat een computer de bestandsnaam kan lezen. Daarom gelden er een aantal regels voor de naamgeving van digitale bestanden.

Wat mag wel?

Je beperkt je in de naamgeving van je bestanden best tot volgende tekens:

  • Letters: a-z en A-Z
  • Cijfers: 0-9
  • Streepjes: underscore ( _ ) en koppelteken ( - )

We raden ook aan om altijd een korte, duidelijke en vooral unieke naam aan je bestanden te geven.

Wat mag niet?

Er zijn ook een aantal tekens die je nooit mag gebruiken in je bestandsnaamgeving. Dit zijn tekens die een computer in andere contexten gebruikt, bijvoorbeeld als commando om een opdracht uit te voeren. Om zeker te zijn dat een computer dus geen rare dingen doet met je bestanden vermijd je beter deze tekens:

  • Spaties
  • Leestekens: ! ? . , ; : ( ) ’
  • Diakritische tekens: é à ù ç è
  • Speciale tekens: / * % @ | # § $

Bestanden in bulk hernoemen

Merk je in je digitale archief dat je bestanden hebt die niet volgens deze regeltjes benoemd zijn (bv. er staan spaties in je bestandsnaam)? Geen probleem! Er bestaan tools waarmee je makkelijk meerdere bestanden tegelijk kan herbenoemen: